Waarom is de oliepeilstok belangrijk?
De oliepeilstok, ook wel bekend als de dipstick, is een van de meest eenvoudige maar cruciale onderdelen van je auto. Het is je primaire instrument om het olieniveau te controleren. Regelmatige controle van het olieniveau is essentieel voor het behoud van de motor van je auto. Motorolie smeert de bewegende delen, koelt de motor en helpt bij het reinigen van interne componenten. Te weinig olie kan leiden tot oververhitting, verhoogde slijtage en uiteindelijk ernstige motorschade. Te veel olie kan echter ook problemen veroorzaken, zoals schade aan keerringen en een verhoogde druk in het carter.
Stappen om de olie te controleren
Het controleren van de oliepeilstok is een eenvoudige handeling die je zelf kunt uitvoeren. Volg deze stappen nauwkeurig om een betrouwbare meting te krijgen.
Voorbereiding: de juiste omstandigheden
Zorg ervoor dat de auto op een vlakke ondergrond staat. Dit is cruciaal voor een accurate meting. Parkeer de auto bijvoorbeeld op een rechte oprit of een parkeerplaats. Laat de motor enige tijd draaien, ongeveer vijf tot tien minuten, zodat de olie zich goed kan verspreiden in het systeem. Zet vervolgens de motor uit en wacht enkele minuten, idealiter vijf tot tien, totdat de olie is teruggelopen naar het carter. Dit wachten is belangrijk omdat warme olie anders een onnauwkeurig beeld geeft.
De oliepeilstok lokaliseren en verwijderen
De oliepeilstok is meestal te vinden in de buurt van de motor. Hij heeft vaak een felle kleur, zoals geel of oranje, en een lusvormig handvat om hem gemakkelijk te kunnen verwijderen. Trek de peilstok voorzichtig uit de buis. Veeg de peilstok schoon met een schone doek of keukenpapier. Zorg ervoor dat er geen vuil of pluisjes achterblijven die de meting kunnen beïnvloeden.
Het olieniveau aflezen
Steek de schone peilstok volledig terug in de buis totdat deze weer goed vastzit. Trek de peilstok er opnieuw voorzichtig uit. Nu kun je het olieniveau aflezen. Op de peilstok zie je meestal twee markeringen, vaak aangeduid met 'min' en 'max' of 'L' (low) en 'H' (high). Het olieniveau moet zich idealiter tussen deze twee markeringen bevinden. Zit het niveau net boven de 'min'-markering, dan is dit acceptabel, maar het is een teken dat het tijd is om bij te vullen. Zit het niveau boven de 'max'-markering, dan is er mogelijk te veel olie in de motor gedaan. In dat geval is het raadzaam om wat olie te laten verwijderen door een professional.
Olie bijvullen indien nodig
Als het olieniveau te laag is, is het tijd om olie bij te vullen. Open de motorkap en zoek de olievuldop. Deze dop heeft meestal een oliesymbool erop. Verwijder de dop en voeg langzaam kleine hoeveelheden olie toe. Gebruik de juiste soort olie die wordt aanbevolen voor jouw specifieke auto, dit staat vermeld in het instructieboekje. Begin met een halve liter en wacht opnieuw een paar minuten voordat je het niveau opnieuw controleert met de peilstok. Vul geleidelijk bij totdat het niveau de 'max'-markering bereikt, maar probeer deze niet te overschrijden. Sluit de olievuldop weer goed af.
Wanneer de controle herhalen?
Het is verstandig om het olieniveau minstens één keer per maand te controleren, of vaker als je veel kilometers rijdt of als je merkt dat je auto olie lekt. Regelmatige controles voorkomen onnodige slijtage en dragen bij aan een langere levensduur van je motor. Als je twijfelt over het proces of als je vreemde symptomen opmerkt, raadpleeg dan altijd een gespecialiseerde garage.